Sanne van Zeeland, beleidsadviseur bij RIBW Brabant: “Bij RIBW Brabant willen we onze expertise op het gebied van verslaving vergroten. Samenwerken met de juiste partners is daarin belangrijk. Toen ik hoorde over het project Verslavingsbegeleiding op locatie, waar Novadic-Kentron penvoerder van was, heb ik onszelf direct aangemeld. Juist omdat we de problematieken rond verslaving in combinatie met psychische kwetsbaarheid steeds groter zien worden. We moeten dat niet alleen willen aanpakken. En Novadic-Kentron is dé verslavingsexpert in onze regio. We zijn blij dat we mee mochten doen aan dit ‘experiment’.”

Een nieuw pad

Op casusniveau wisten collega’s van RIBW Brabant en Novadic-Kentron elkaar al langer te vinden. Maar op projectbasis langdurig nauw samenwerken was nieuw. En heel welkom. Sanne: “Verslaving werd vaak gezien als ‘bijzaak’. Nu wordt het steeds zichtbaarder en belangrijker gevonden. Dat is een grote winst die we met elkaar behalen.”

Vóór de pilot begon waren er grofweg twee opties:

  • middelengebruik gedogen maar er verder weinig aandacht aan besteden in de begeleiding
  • middelengebruik verbieden (en daar ook op controleren en sanctioneren), waardoor mensen er niet open over zijn

“Allebei geen ideale situaties, omdat we onvoldoende inzicht krijgen in wat er precies speelt. Bij RIBW Brabant zochten we naar een nieuw pad”, zegt Sanne. “Dit project heeft ons enorm geholpen om dat uit te stippelen en alvast op kleine schaal uit te proberen.”

De vicieuze cirkel van verslaving

“De cliënten van RIBW Brabant hebben een kwetsbaarheid”, zegt Leonie Aarts, manager preventie bij Novadic-Kentron. “Ze proberen vaak op verschillende manieren hun klachten te dempen of draaglijk te maken. Bijvoorbeeld door te gamen, gokken of met alcohol of drugs. Iemand die niet kan slapen, begint misschien met blowen. Maar als je eigenlijk elke nacht slecht slaapt en dan naar drugs grijpt, raak je verslaafd. Dat is een vicieuze cirkel waar veel mensen onbedoeld in terechtkomen.”

Sanne: “Een van onze cliënten beschreef het heel mooi: drugs zijn een copingmechanisme: een manier om met dingen om te gaan. Hij was continu onrustig, zijn middel zorgde ervoor dat hij dat even niet hoefde te voelen. Maar daarmee stelde hij het aanpakken van zijn échte probleem alleen maar uit. Totdat de verslaving een groter probleem werd dan waarvoor hij eigenlijk in eerste instantie bij ons kwam.”

Ontmoeten, meewerken en leren

Het doel van het project Verslavingsbegeleiding op locatie was om expertise te delen en medewerkers te versterken. Een team van Novadic-Kentron draaide daarom een jaar lang met twee teams van RIBW Brabant mee. Leonie: “We sloten letterlijk aan: bij teamoverleggen, in de koffiehoek, tijdens momenten met cliënten. We organiseerden een  spreekuur. Zo keken we steeds waar we konden helpen. Zo bouwden we vertrouwen op, zowel bij collega’s als cliënten.”

Tijdens het project werd verslaving bespreekbaar gemaakt op de locaties. “We hebben het liefst dat een cliënt uit eigen beweging vertelt dat ‘ie heeft geblowd, eigenlijk niet precies weet waarom en hoe hij hier het beste mee kan omgaan”, zegt Leonie. “Dan ga je veel meer in vertrouwen samenwerken met cliënten.”

Sanne vult aan: “Voor cliënten bleek de aanwezigheid van een verslavingsspecialist op hun woonlocatie enorm drempelverlagend te werken. Zij gaven vaker terug dat ze zich meer serieus genomen voelden, omdat er een expert naar hen toekwam. Het werd makkelijk gemaakt om over verslaving te praten. Cliënten hebben in deze periode meer kennis gekregen over hoe ze zelf met hun verslaving kunnen omgaan, hoe ze eventueel veilig kunnen gebruiken en ervoor kunnen zorgen dat anderen er geen last van hebben.”  

Het werkte. Teams kregen meer grip op signalen van verslaving. Er ontstond een helderder visie op middelengebruik. Medewerkers voelden zich gesteund in ingewikkelde situaties. En een aantal cliënten heeft zelfs de stap gezet om de behandeling aan te gaan.

Vakmanschap versterkt

Uiteindelijk wilde Novadic-Kentron een nieuwe landelijke productcode voor verslavingsexpertise op een Wlz-indicatie van een van een cliënt. Dat is (nog) niet gelukt, maar het project heeft heel veel andere dingen gebracht. “We zijn klein begonnen, maar groeien nog steeds”, zegt Leonie. “We blijven zoeken naar manieren om oplossingen – ook zonder productcode – structureler te maken. De behoefte is er, de samenwerking werkt en de cliënt heeft er baat bij.”

De belangrijkste afdronk voor beide partijen is de grote meerwaarde van samenwerken. Voor Sanne: “We staan er sterker voor onze cliënten, ieder vanuit eigen kwaliteit en expertise. Voorheen dachten de meeste afzonderlijke partijen dat ze alles zelf moesten doen; iedereen wist ook wel wat over verslaving. Nu kiezen we steeds vaker voor focus. Wij doen waar we goed in zijn, en we laten onze ketenpartners doen waar zij goed in zijn. Zo versterken we elkaars vakmanschap. In goede harmonie, in het belang van de cliënt.”

Bovendien heeft het project het sámen herstelondersteunend werken aangezwengeld. Leonie: “Dat wordt steeds belangrijker. En RIBW Brabant is op dat vlak echt sterk. We delen kennis twee kanten op. Het helpt als je een gedeelde visie hebt als uitgangspunt. Dan vind je elkaar sneller. En we kijken hoe we nog veel meer met elkaar kunnen optrekken. Bijvoorbeeld om een soort ‘terugvalpreventie’ op te zetten, zodat cliënten ook na hun herstel stevig in hun schoenen blijven staan en duurzaam herstellen.”

Je ziet: dit project is afgerond, maar verdere kansen in de samenwerking worden nog volop verkend!