Na anderhalf jaar intensieve begeleiding op een beschermd wonen-locatie van RIBW Brabant, zette Rik (20) de stap naar zelfstandig wonen. Hij woont nu in een huurappartement in het centrum van Tilburg en krijgt van RIBW Brabant ambulante begeleiding. Een stap waar zijn moeder Annet Melis trots op is.

“Al sinds zijn geboorte weet ik dat Rik speciaal is”, vertelt Annet. “Zijn jeugd was niet makkelijk, met veel begeleiding vanuit allerlei zorgverleners. Op zijn achttiende kwamen we bij de zelfstandigheidstraining ‘Op eigen benen’ van RIBW Brabant terecht.”

Leren loslaten

In dit woonproject bieden de professionals van RIBW Brabant 24 uur per dag intensieve begeleiding. De jongeren werken er gefaseerd naartoe om zo zelfstandig mogelijk te wonen; de grote wens van Rik. “Het begeleidingstraject kent in het begin vooral duidelijke regels en beperkte vrijheden. Iets waar Rik natuurlijk niet om stond te springen”, lacht Annet. “Mij bood dit juist lucht. Ik heb me de afgelopen jaren in de zoektocht naar de juist zorg vaak alleen gevoeld, maar hier werd mijn zoon gezien. Overigens zijn de begeleiders ook streng voor mij geweest. Ik heb geleerd Rik los te laten: geen geld meer toe te schuiven, en niet meer op te ruimen als hij er door een woede-uitbarsting een bende van maakte.”

Zelfredzaam

Het traject ‘Op eigen benen’ kent vier fases, waarin de mate van vrijheid en zelfstandigheid steeds toeneemt. “We werken met zes leefgebieden”, verduidelijkt Juul Allemekinders, begeleidingsmedewerker bij RIBW Brabant. “En streven ernaar dat jongeren binnen anderhalf tot twee jaar in staat zijn om op eigen benen te staan. Zelfstandig wonen is niet voor iedereen met een psychiatrische aandoening weggelegd. Voor sommigen is het prettiger om in een woongroep of individuele woning te wonen, met begeleiding in meer of mindere mate. Voor wie zo zelfredzaam is dat zelfstandig wonen wel kan, motiveert het juist: het vormt een doel om naartoe te werken.”

Dat was het ook voor Rik. In de laatste fase is hij aangemeld voor een sociale huurwoning. Hij heeft het getroffen met zijn eigen plek, vindt zijn moeder. “Zijn appartement is zijn veilige haven. Een plek waar hij zich kan terugtrekken als hij overprikkeld raakt. Dat geeft hem rust.”