“Eén ding is zeker: de cliënt staat daarbij voorop”, schetst relatiebeheerder Chris van Geloven, RIBW Brabant. De regio Hart van Brabant streeft ernaar dat mensen met een kwetsbaarheid binnen hun mogelijkheden (weer) zelfstandig thuis wonen. Dit sluit aan op de basisbehoefte van de mens; om meer autonoom eigen doelen te realiseren en in verbinding te zijn met anderen. Het uitgangspunt is dat een cliënt pas doorstroomt van beschermd wonen naar zelfstandig wonen in de wijk als het past bij het herstel. En als ondersteuning in de vorm van ambulante begeleiding binnen de mogelijkheden voldoende georganiseerd is. “Dat betekent dat we als maatschappij een beroep doen op de solidariteit in wijken”, verduidelijkt Chris. “Daar hebben we veel partijen bij nodig, want zelfstandig wonen en participeren in een wijk is voor nieuwe cliënten en cliënten die er al wonen niet altijd makkelijk. Het is dus essentieel dat alle partners en organisaties die actief zijn in de buurt elkaar (leren) kennen. De afgelopen jaren zijn we dichter bij elkaar gekomen. Zo weten we wat we voor elkaar kunnen betekenen en waarvoor we elkaars expertise kunnen inzetten.”

Regelruimte en vertrouwen
Bureaucratie, onder andere omtrent financiering, gaat ten koste van goede zorg. Chris: “Denken en werken vanuit de vraag van de cliënt is noodzakelijk. Intern zorgen we om die reden voor regelruimte voor onze medewerkers om te doen wat nodig is. Ons nieuwe organisatiemodel maakt dit mogelijk. Het betekent ook dat we elkaar in de keten moeten vertrouwen. Enerzijds kan de gemeente erop vertrouwen dat hetgeen de aanbieders doen, passende zorg is voor de cliënt. Anderzijds moeten aanbieders erop vertrouwen dat de zorg financieel gedekt is.”

De veranderingen binnen het sociaal domein zijn van dusdanige omvang dat een verkenningsperiode onvermijdelijk is. De afgelopen jaren was er veel overleg. “Inmiddels is er vertrouwen”, vindt Chris. “Ook is de balans tussen de bedrijfsvoering van elke afzonderlijke organisatie en het maatschappelijk belang gevonden. Al blijft dat een logisch spanningsveld.”

Schotten wegnemen
Na de transformatie in 2015, kreeg de transitie in 2017/’18 vorm en is de noodzakelijke beweging in gang gezet. Met een goede en integrale begeleiding lukt het veel cliënten om met ambulante begeleiding zelfstandig te wonen. Ook bij de meer complexe problemen. Het is dan wel belangrijk om snel te kunnen schakelen in intensiteit en frequentie bij veranderingen in de ondersteuningsbehoefte. Vanuit de MOM (Maatschappelijke Ontwikkelings Maatschappij, red.) rolt RIBW Brabant samen met tien andere maatschappelijke organisaties diverse projecten uit, gericht op nieuwe vormen van samenwerking onder de noemer ‘Thuis in de wijk’. “En met GGZ Breburg hebben wij laagdrempelige afspraken gemaakt over tijdelijke opvangmogelijkheden om crisis te voorkomen. In een notendop: we vangen mensen op waar plek is – ofwel bij ons, ofwel bij GGZ Breburg – en verdelen de kosten gelijk.”

Iedereen doet mee
“De veranderingen maken ons medeverantwoordelijk voor de leefbaarheid in wijken”, vervolgt Chris. “Omdat RIBW Brabant van oudsher met teams ín de wijk werkt, kennen onze medewerkers de buurten en hun specifieke kenmerken. Waar mogelijk nemen wij daarom de regie. Want door slim samen te werken, voorkomen we dat iemand zware zorg nodig heeft. Zo blijft de hulpverlening betaalbaar en werken we toe naar ons gezamenlijke doel: dat iedereen meedoet in de samenleving. Ook mensen die daarbij ondersteuning nodig hebben.”

Lees de verhalen over samenwerken van:
Karin Veron – Accountmanager bij Sterk Huis
Dagmar Loman – Wijkverpleegkundige bij Thebe
Noortje van Dinther – Beleidsmedewerker afdeling Sociaal bij Gemeente Tilburg
Susan Sparidaens – Manager Bedrijfsvoering bij GGz Breburg Tilburg

Het verhaal van